Molenbeersel

Versie door Ghkmaster (overleg | bijdragen) op 7 jul 2022 om 14:00
(wijz) ← Oudere versie | Huidige versie (wijz) | Nieuwere versie → (wijz)

Terug naar Geschied- en heemkundige kring "Het Land van Thorn"Dinsdag
30-08-2022 19:00
Stegel, Weertersteenweg 363, Molenbeersel (Kinrooi)
Parkeersuggestie: Naast de Stegel is er ruimte om te parkeren. Inrijden vanuit de Weertersteenweg.

Beschrijving

Uit wat in 2005 nog schuchter begon als “Een avondwandeling door Molenbeersel” (Wie wandelde toen al én ook vandaag mee?) vervelde vanaf 2006 ons succesnummer “Gluren bij de buren”. Het Molenbeersel van 2005 zag er natuurlijk anders uit dan nu. Ook onze manier van “gluren” veranderde: minder overladen en beter aangepast aan de wisselende omstandigheden. Vandaag zal de aandacht vooral gaan naar het ontstaan van Molenbeersel als hulpparochie van Neeritter (1806) en als gemeente (1845).

Beide zijn uniek en in elkaar verstrengeld. Uit een samenraapsel van restanten van vooral Nederlandse gemeenten (Neeritter, Hunsel, Ittervoort en Stramproy) en een deeltje van Kessenich ontstond een moderne samenwerkende hechte gemeenschap. Voor de historici zou Molenbeersel kunnen fungeren als een mini “Drie Eijgen”, deels Thorns, deels Kessenichs en deels Luiks.

De eerste oude kerk, dito pastorie en gemeentehuis zijn nog te herkennen. Het ‘gewone’ dorp aan de grens raakte uit zijn isolement door de aanleg van de Weertersteenweg tussen Kinrooi en Weert, nog verbeterd door de tramlijn Weert-Maaseik. Alleen de dodendraad uit De Eerste Wereldoorlog probeerde van de grens weer een grens te maken. De 21 grijze grenspalen wijzen ons de officiële overgangen aan, maar er waren ook nog andere. Met een zak vol biggen of zout waren er efficiëntere paden. Grenzen betekent immers ook smokkelen, alles heeft zijn pro en contra. Na de eerste wereldoorlog heette dit in België zelfs de economische bevoorrading van de bevolking, wel te verstaan voor de periode 1915-1918. Het groene Molenbeersel heeft wat te bieden. Hoe het met de C02 of de stikstof staat weten we niet, maar er is nog veel zuurstof.

De fanfare St.-Isidorus ontvangt ons in de grote zaal van de Stegel zowel voor als na het gluren.